Het doel van dit scenario is een woning die minimaal label A heeft.
Is het bestaand label al label A of beter, dan is het doel al bereikt en zijn geen maatregelen nodig.
Een energielabel voor woningen geeft aan hoe zuinig een woning is. Het label geeft inzicht in de mate van isolatie, de energiezuinigheid van installaties en de opbrengst van zonnepanelen.
Woningen met label A++++ zijn het energiezuinigst en woningen met label G zijn het slechtst.
Een energielabel wordt opgesteld door een deskundig energieadviseur. Deze moet het label registreren/afmelden bij EP-online. Het afgemelde energielabel is tien jaar geldig.
De in Smart Twin berekende labels zijn geen officiële labels maar geven een indicatie (dit is het minimaal label en het waarschijnlijk label).
Bij het scenario “naar label A” worden in een vaste volgorde maatregelen toegepast tot het doel bereikt is.
Bestaand label < B :
Maatregelen worden in vaste volgorde toegepast tot label B gehaald wordt.
Vervolgens worden zonnepanelen (bij) geplaatst.
Is dit niet mogelijk of wordt met (bij)plaatsen van zonnepanelen label A nog niet gehaald, dan wordt verder gegaan met de lijst van maatregelen tot label A wordt gehaald.
Bestaand label = B :
De eerst mogelijke maatregel uit de lijst wordt toegepast.
Als het label A gehaald wordt is het doel bereikt
Als label A nog niet gehaald wordt worden vervolgens zonnepanelen (bij)geplaatst.
Is dit niet mogelijk of wordt met (bij)plaatsen van zonnepanelen label A nog niet gehaald, dan wordt verder gegaan met de lijst van maatregelen tot label A wordt gehaald.
Bestaand label ≥ A :
Het doel is al bereikt.
Geen maatregelen toepassen.
|
|
maatregelen |
randvoorwaarde |
nieuwe waarde 1 |
|
1a |
spouwisolatie EPS-korrels |
bouwjaar ≥ 19452 en bestaand gevel heeft geen spouwisolatie |
Rc = 1,63 |
|
1b |
voorzetwand binnenzijde 100 mm PIR |
bouwjaar < 1945 en bestaand gevel heeft geen isolatie aan de binnenzijde |
Rc = 3,68 |
|
2a |
glas vervangen door HR++
|
bestaand kozijn is geen niet-thermisch onderbroken profiel bestaand glas is enkel glas |
Uw = 1,80 ggl = 0,6 |
|
2b |
nieuw kozijn met HR++ glas |
bestaand kozijn is niet-thermisch onderbroken profiel en bestaand glas is enkel glas |
Uw = 1,80 ggl = 0,6 |
|
3 |
helend dak isoleren binnenzijde 120 mm PIR |
Rc bestaand < 3,50 |
Rc = 3,71 |
|
4 |
plat dak isoleren buitenzijde 100 mm PIR |
Rc bestaand < 3,50 |
Rc = 4,22 |
|
5a |
kierdichting ramen en deuren |
bouwjaar/renovatiejaar ≥ 2000 en < 2010 |
renovatiejaar3 één klasse hoger |
|
5b |
kierdichting gehele woning |
bouwjaar/renovatiejaar < 2000 |
renovatiejaar3 hoogste klasse |
|
6a |
decentrale balans ventilatie in de woonkamer |
bestaand ventilatiesysteem is natuurlijke ventilatie |
systeem E1 |
|
6b |
mechanische ventilatie met CO2-sturing met bestaande ZR- roosters4 |
bestaand ventilatiesysteem is mechanische ventilatie (C1) en bestaand glas ≥ HR glas |
systeem C4c |
|
7a |
hybride warmtepomp5 met nieuwe cv-ketel |
bestaand verwarmingssysteem is slechter dan HR107 combiketel |
aan en afvoer temperatuur 55/47 °C |
|
7a |
LT radiatoren5 |
bestaand verwarmingssysteem is lokale verwarming (kachel) |
|
|
7b |
hybride warmtepomp met bestaand cv-ketel |
bestaand verwarmingssysteem is een HR107 combiketel |
aan en afvoer temperatuur 55/47 °C |
|
8a |
glas vervangen door HR++
|
bestaand kozijn is geen niet-thermisch onderbroken profiel bestaand glas is dubbel glas |
Uw = 1,80 ggl = 0,6 |
|
8b |
nieuw kozijn met HR++ glas |
bestaand kozijn is niet-thermisch onderbroken profiel bestaand glas is dubbel glas |
Uw = 1,80 ggl = 0,6 |
|
9 |
mechanische ventilatie met CO2-sturing met nieuwe ZR- roosters4 |
bestaand ventilatiesysteem is mechanische ventilatie (C1) en bestaand glas < HR glas |
systeem C4c |
|
10 |
vloer isoleren 120 mm PUR spray |
bestaand geen vloer op zand Rc bestaand < 2,15 |
Rc = 4,77 |
|
11 |
buitenlucht warmtepomp5 vermogen 6 kW vermogen 8 kW vermogen 10 kW vermogen 13 kW |
juiste vermogen wordt automatische bepaald |
aan en afvoer temperatuur 45/40 °C |
|
11 |
LT radiatoren5 |
bestaand verwarmingssysteem is lokale verwarming (kachel) |
|
|
12 |
gebalanceerde ventilatie met warmte terugwinning |
bestaand ventilatiesysteem is natuurlijke of mechanische ventilatie (A1, C1 of C4) |
systeem D5c |
|
13 |
nieuw kozijn met trippel glas |
bestaand glas is slechter dan HR++ glas |
Uw = 1,40 ggl = 0,5 |
|
|
(bij) plaatsen zonnepanelen |
aantal panelen op basis van elektraverbruik6 en maximaal beschikbare ruimte op de daken |
1,94 m2 225 Wpiek/m2 136 Wpiek/paneel |
1. De nieuwe Rc-waardes zijn gebaseerd op bestaande niet geïsoleerde constructies. Als in de bestaande schil al isolatie aanwezig is dan wordt de nieuwe Rc-waarde hoger.
2. Bouwjaar voor 1920 heeft een massieve gevel en bouwjaar 1920 tot en met 1945 heeft een spouwmuur met kleine spouw. Deze constructies zijn niet geschikt voor na-isolatie van de spouw.
3. De kierdichting is van invloed op de infiltratie. De infiltratie wordt berekend op basis van gebouwtype/woningtype/daktype en bouwjaar/renovatiejaar. De hogere renovatiejaarklasse leidt tot een zeer goede infiltratie waarde.
4. Voor het goed functioneren van CO2-sturingen zijn zelfregelende ventilatieroosters nodig. Als een woning al HR-glas heeft wordt er vanuit gegaan dat de bestaande roosters al zelfregelend zijn. Zo niet, dan moeten nieuwe ZR-roosters geplaatst worden.
5. Bij een bestaand lokaal verwarmingssysteem (kachel) wordt de maatregel (hybride) warmtepomp gecombineerd met de maatregel LT radiatoren omdat bestaand nog geen afgiftesysteem aanwezig is.
6. Het elektraverbruik wordt berekend met de NTA8800 inclusief Maatwerkadvies.